Meer multipotentialiteit en de begeleiding

Er zijn nog steeds mensen, ook wetenschappers, die twijfelen aan het bestaan van multipotentialiteit. Dat zegt meer over die mensen en de onderzoeksmethode dan over het werkelijk bestaan. We kunnen een groei vaststellen in het aantal begeleidingsmogelijkheden voor jongeren waarbij dit talent gezien mag worden als (mede) oorzaak van veel problemen bij de studiekeuze, de studie en de beroepsloopbaan. Die begeleiding is er op gericht om onderpresteren of foutieve studie- of beroepskeuze te voorkomen. De begeleiding dient al vroeg in de ontwikkeling te beginnen maar vaak is dan voor de omgeving nog niet of onvoldoende duidelijk dat er sprake is van multipotentialiteit. Al op de basisschool moet worden begonnen met het begeleiden van hoogbegaafde en multipotentiële kinderen. Alleen ontbreekt het daar nogal eens aan kennis.

Er zijn dus twee voorwaarden voor een succesvol begeleidingstraject::
1. Het talent moet (zo vroeg mogelijk) worden waargenomen en benoemd (diagnose, zo je wilt).
2. En als het dan vastgesteld is, heb je de juiste kennis nodig om een goede begeleiding te realiseren.

Om vast te stellen of je te maken hebt met een hoogbegaafde multipotenteel kan je op onderstaande kenmerken letten:
(bron: Hoogbloeier.be)

Basisschool:
• Moeite met het maken van een keuze als ze zelf een onderwerp voor een project moeten kiezen.
• Meerdere hobby’s met korte perioden van enthousiasme.
• Moeite met het afwerken en opvolgen van taken, ook die taken die leuk zijn.
• Uitstekende prestaties in veel of bijna alle schoolvakken.

VO onderbouw:
• Nog steeds moeite met besluitvorming.
• Nog steeds problemen met afwerken van taken.
• Nog steeds excelleren in veel of alle schoolvakken.
• Heel wat buitenschoolse activiteiten zonder duidelijke voorkeuren.
• Zeer volle weekplanning met weinig vrije periodes.

VO bovenbouw:
• Problemen en aarzeling bij het kiezen van een studie.
• Deelname aan heel veel schoolactiviteiten zoals sport, muziek, schoolkrant, toneelstukken en schoolparlement.
• Hoge cijfers in de meeste of toch veel vakken.
• Een zeer algemeen resultaat in testen naar beroepskeuzes, waarbij de interesse of overeenkomst met een ongewoon aantal beroepen vertoond wordt.
• Af en toe tekenen van stress en uitputting: afwezigheden, frequent of chronisch ziek, periodes van depressie of angst, met name tijdens drukke periodes.

Hogeschool/universiteit:
• Overhaaste of willekeurige studiekeuze, of de keuze maken die meerdere klasgenoten hebben gemaakt.
• Meerdere academische studies tegelijkertijd.
• Meermaals veranderen van studie.
• Nog steeds een intense deelname aan buitenschoolse activiteiten.
• Uitstekende academische prestaties.
• Bezorgdheid omtrent de carrièreplanning.

Volwassenheid:
• Meerdere banen op korte tijd
• Uitstekende prestaties in de meeste jobs
• Algemeen gevoel van gebrek aan aanpassing in de meeste banen.
• Gevoelens van vervreemding, doelloosheid, depressie en apathie ondanks de hoge prestaties en uitstekende evaluaties.
• Verschillende periodes van werkloosheid of werken onder niveau.
• Patroon van achterstand t.o.v. leeftijdsgenoten op gebied van loopbaan maar soms ook in de sociale ontwikkeling (huwelijk, gezin, betrokkenheid in verenigingsleven,…)

Je ziet dat de problemen op latere leeftijd en in de beroepsloopbaan grote vormen aan kunnen nemen. Je kan dus met de juiste begeleiding een hoop problemen voorkomen. Onderpresteren en 13 ambachten 12 ongelukken zijn grotendeels te voorkomen. Hoe je die begeleiding (op school) op moet zetten? Neem contact op met Arnout Mostert voor een maatwerktraject, workshop of leestips.

Probleemgebieden voor Multitalenten / Multipotentiëlen

Ik kreeg onlangs de vraag wat volgens mij de belangrijkste dingen zijn waar multipotentiëlen* (ook wel multi-talenten genoemd) tegenaan lopen. Nu was ik al van plan over dit onderwerp eens wat te schrijven en dit is een mooie aanleiding om een aantal probleemgebieden in kaart te brengen. Ik beperk me nu tot een opsomming van probleemgebieden en ga (nog) even niet in op de “oplossingen” en mogelijk te geven sturing om met deze probleemgebieden om te gaan als individu. Dat is overigens ook lastig om te doen omdat dat uiteraard verschilt van persoon tot persoon en van situatie tot situatie.

Wat zijn probleemgebieden waar multipotentiëlen mee te maken (kunnen) krijgen?

Om een paar probleemgebieden te noemen:

Een algemeen maatschappelijk beeld dat iemand maar in één ding goed kan zijn en dat als je meer dingen doet het niet van hoogstaande kwaliteit kan zijn. En worden daardoor vaak (aanvankelijk) niet serieus genomen.

Het volledig negeren van het scala aan kwaliteiten van de multipotentieel en alleen op één gebied focussen van wat zo iemand kan. (Kan een gevolg zijn van bovenstaande).

Je bent wat je doet, ofwel: Als je iets bovengemiddeld goed doet, dan ben je dat, zonder dat je er een bewuste keuze voor hebt gemaakt, al snel van beroep. Voor je omgeving: “Je doet dat goed, dus dan zal je dat wel zijn…” en ook voor jezelf: “Ik doe dit goed en kan er geld mee verdienen…”. Dit is een lastig fenomeen voor een multipotentieel en hij/zij zal zelf veelal moeite hebben met het geven van een antwoord op de vraag: Wat ben je? Of: Wat doe je voor werk?

Een multipotentieel kan vaak zeer snel schakelen en nieuwe taken eerder dan gemiddeld op een bovengemiddeld niveau uitvoeren. Dat maakt de mogelijkheden haast onbeperkt. Je ziet dan ook dat ze vaak moeite hebben een keuze te maken in dat wat ze doen (willen), aangezien ze zoveel kunnen.

Hierdoor komt het ook vaak voor dat ze, zodra ze iets op behoorlijk niveau beheersen (en dat is bovengemiddeld snel) er ook weer snel op uitgekeken zijn en zoeken naar iets nieuws. Ze zijn dus voortdurend op zoek naar wat “hun ding” nu eigenlijk is. Beroepskeuze is voor jeugdige multipotentiëlen vaak lastig.

Ze vallen daardoor snel in de categorie 12 ambachten, 13 ongelukken. Of dit gedrag wordt eenvoudigweg uitgelegd als een gebrek aan doorzettingsvermogen.

Ze zijn vaak zo breed georiënteerd dat ze in een “normale” baan niet passen omdat de werkzaamheden te beperkt voor ze zijn. Als ze wel in een dergelijke baan zitten / blijven is onderpresteren onherroepelijk, met alle gevolgen van dien (depressie, slecht presteren).

Ze hebben vaak nog meer moeite om onder een baas te werken omdat ze werkelijk “overal” verstand van hebben.

Een multipotentieel is snel bedreigend voor collega’s omdat ze de taak van de collega veel eerder op een hoger niveau beheersen. Ook als het een voor hen nieuwe taak betreft.

Multipotentiëlen zijn doordat ze snel leren op veel gebied autodidact. Het ontbreekt ze dan ook vaak aan een “trackrecord” in dat wat ze (bovengemiddeld goed) doen. Autodidactici worden vaak onderschat in hun kennis en vaardigheden en worden niet serieus genomen, al doen ze misschien helemaal niet onder voor hun collega’s die op reguliere wijze hebben gestudeerd.

Het gebrek aan “papiertje” leidt soms tot problemen, bijvoorbeeld bij sollicitaties.

Overheden helpen dit beeld in stand te houden door nog steeds de nadruk te leggen op (de makkelijk controleerbare) bevoegdheid in plaats van op (de moelijker meetbare) bekwaamheid.

Er is niet veel gepubliceerd over dit onderwerp. Dat wat er is geschreven is meestal gericht op jeugdigen. De effecten van multipotentialiteit op oudere leeftijd en later in de carrière worden weinig beschreven.

*Als gedefinieerd door Fredrickson (1979),
Een multipotentieel persoon is “een individu die, bij aanwezigheid van de juiste randvoorwaarden, in staat is om elke competentie, te selecteren en ontwikkelen op een hoog niveau.”

Meer lezen?
In 1972! schreven R. H. Frederickson & J. W. M. Rothney het boek:
Recognizing and Assisting Multipotential Youth.

En verder over het wel of niet bestaan van…:
Multipotentiality: Issues and Considerations for Career Planning
Career Guidance for Gifted Students
Multipotentiality Among the Intellectually Gifted: “It Was Never There and Already It’s Vanishing”